Vanwege een sturenruzie arriveert de auto van Eelco wat verlaat op de carpool, maar we hebben geen haast want het is (zo dachten wij toen nog) slechts drieënhalf uur rijden naar Aix-de-Ergny. Ton (komend vanuit Appel) wist wel beter.
De koffiestop is in Nazareth, altijd goed om daar even bij stil te staan. Door de omleidingen die al voor Rotterdam waren begonnen, liep het reisschema wat uit de hand en arriveerden we pas om kwart voor twaalf bij het huis, althans – zoals de navigatie ons aangaf – bij het huis van de buren. Uit de beschrijving die de spraakzame buurman ons van Ton gaf, begrepen we dat we verderop in de straat moesten zijn. We daalden af naar het juiste huisnummer en troffen daar inderdaad Ton aan, die de sleutel – zoals ons was aangezegd – onder de mat had aangetroffen.
Ieder van ons zocht vervolgens een slaapkamer, waarbij Ton zich op dat moment in zijn master bedroom nog alleenheerser waande. Dat zou later die dag nog lelijk uitpakken.
De thuis klaargemaakte lunchpakketjes werden verorberd of in de rugzakjes gefrommeld. We mogen van de voorzitter deze eerste dag in vrijetijdskleding, wat een bont gekleurd gezelschap oplevert. Omdat rNee pas ’s avonds zou arriveren, rijden we in twee groepen van 6. Als Jurriën Gerard zijn navigatie op orde heeft (vanwege zijn “digibete status”), kunnen we op onze nog glanzende rosjes springen.
We rijden deze dag een zuidwestelijke lus van 85 km die (echt waar Hans) tot bijna aan de zee reikte. In Montreuil-sur Mer, dat kennelijk ooit aan zee heeft gelegen, drinken we onze cola’s onder pepsi-schermen. De SOW-ers kregen na deze relatief vroege opsteek een barre tocht te doorstaan: zij kregen zeikregen en windvlagen. En verder onderweg nog een 13-tal gecategoriseerde klimmetjes, die nooit lang maar soms best heftig waren. Verantwoordelijk voor al deze ellende – waar we uiteindelijk voor gekomen waren – was de onvolprezen routemaker Jurriën, die zich met name voor deze eerste koers had laten influisteren door regiodeskundige Thomas. Met name de klim “met de haarbochtjes” en de klim bij de afgravingen van Dannes, zullen ons lange (zo niet al)tijd bijblijven. Her en der kenden de wegen heel wat snotterige landbouwgrond op het asfalt. Dan werd Pas-de-Calais ‘Pas-de -Klei’.
Het rijden door het voor de SOW nieuwe gebied, riep ook instemmend applaus op. De streek kent vele glooien en plooien, vele kerkjes en JKHoogentoorns (of wel watertorens), en prachtige vergezichten.
De rit liet zijn sporen na. Bij ontbreken van rNee doet dit keer Ton zijn beklag over de route, en loopt Christian nabij het einde een gevalletje KrisKramp op. Eenmaal thuis zorgen enkele toppers in de uitgeruste keuken voor een heerlijke pasta- en rijstmaaltijd. Het verschafte 7 SOW-ers de gelegenheid om zich onderwijl te vermaken in het koele zwembad en de nog op te warmen sauna. Als haringen in een ton zaten zij daar teSamen in de oplopende hitte, met Koen als schenker en Hans als wapperaar. Wat een lol hadden zij (in plaats van op de braderie) hier in die braderij.
Na het avondeten wordt er met de immer becommentarieerde playlist rustig afgewacht op René’s komst. Toen deze vanwege de donkerte buiten naar het juiste adres geloodst was, volgde er een innige hereniging. Dat dat voor René zou uitmonden tot slaapje van de oud-voorzitter had niemand ooit kunnen bedenken.
UITSPRAAK VAN DAG 1: “Ik dacht dat ik de zee zag liggen” (HvE die heus niet hallucineerde)
STATISTIEKEN DAG 1: afstand 85,9 | moyenne 26,7 | maximum 63,3
BEKIJK DE CARROUSEL HIERONDER VOOR WERKELIJK PRACHTIGE FOTO’S
Op dag 2 maken we ons ‘in tenue’ klaar voor de groepsfoto. We passen dankzij goed camerawerk netjes naast elkaar op de foto. De voorbereidingen voor deze (135 km) lange tocht zijn minutieus, niets wordt aan het toeval overgelaten (“Welke taal spreekt men hier eigenlijk”, rve). Maar ondanks de preparaties waait (of stuitert) na één gereden kilometer het spatbordje van Koen er al af. Dan maar een besmuikte rug.
Het wordt een lange aanloop schuin tegen de ZW-wind in, om uiteindelijk bij de zee het verste punt te bereiken. En dat was absoluut al die moeite waard. Met aanhoudend andere vergezichten op strand en zee, rijden we kilometerslang langs de kuststrook. Een doorbrekend zonnetje helpt mee bij dat genieten. We bezoeken stormachtige uitkijkpunten, en de allersterksten van ons dalen zelfs af tot op strandniveau om tijdens de terugweg van daar bewonderd te worden om hun duin-op klimprestatie (knap hoe Thijs zich in de klim uit stilstand op gang trapte).
Tussentijds hadden we met veel moeite een restaurant gevonden, maar waren al lang blij dat er met 13 man gegeten kon worden. De bediening was allervriendelijkst, maar de keuze was helaas beperkt tot vizza of pizza.
De terugweg van de kust naar het huisje werd als verwacht een zware dobber. De wind joeg ons soms bijna van de straat en de regen doorweekte ons tot op onze hempies. Ook kregen we een kwartet aan lekke banden te verwerken, hetgeen voor wat oponthoud zorgde. Hans gaf onderweg boerend en spugend zijn pizzakaas op, maar gelukkig niet zijn fietsplezier.
We kwamen uiteindelijk allemaal netjes kort na zessen thuis. Wat winegums en een lekkere douche later zat iedereen klaar voor het door de voorzitter thuis gevonden restaurant. Hans voelde of hij de eerder die dag verorberde pizza nog moest bezorgen en bleef witjes in de woning achter.
Het eten viel welkom in de hongerige magen, het was een prima tent. Belangrijkste les deze avond was die Ton ons leerde over handelen in bitcoins, dit naar aanleiding van René zijn beleggingshandelingen. Het woord ‘koers’ had in ons fietsweekendje zo een geheel andere lading gekregen.
UITSPRAAK VAN DAG 2: “Jullie doen dit vrijwillig hè?” (EK ziet 12 kletsnatte vrijwilligers)
Op dag 3 moest Ton verzaken vanwege een spaak die op zaterdag gebroken was. De nestor keerde vervroegd terug naar Tineke en haar kleinkinderen. Wederom met twaalf man werd er gestart, nu echter (geheel democratisch) in een verhouding acht staat tot vier. Jurriën vertrok met de 3 T’s als eerste groep om zodoende later op de dag als eersten onder de douche te kunnen. Onderweg zouden diverse lekke banden dat plan bijna verstoren. Bovendien sloot Tim zich (voor even, zo bleek later) aan bij de acht, zodat er werkelijk sprake was van een snelle en nog snellere groep. Niet alleen bleken de lekke banden bijna ontelbaar (het zouden er maar liefst negen zijn!, een drukke dag voor onze mecanicien), maar ook het aantal beklimmingen. Het leidde tot spraakverwarring over hoeveel we er nu gehad hadden en hoeveel er nog restten.
Onderweg bood Koen ons de gelegenheid om de startdienst live mee te maken, met dank aan Menno H. die vanuit de Dorpskerk de stream verzorgde.
Het weer was deze dag druppelloos, hoewel het tot aan de start nog vervelend had gemiezerd. Het maakte dat we tijdens het ontbijt soms wat verwachtingsloos uit de ramen staarden. Gelukkig klaarde het net op tijd op.
Zonder ergens op te steken, arriveerden we (in de twee groepen waarmee we die ochtend gestart waren) weer bij de vakantiewoning. Met de poten vol van heel wat klimmetjes en een niet kinderachtig eindschot, kwamen we voldaan thuis. Na voorbeeldig geSamenlijk opruimwerk reden we mooi op tijd weg, zodat we zelfs helemaal bij Hazeldonk bij de Mac zaten. We verorberden er onze menuutjes en kreeg Hans de onzichtbare (want nog bij Adriaan achtergebleven) wisselbokaal uitgereikt. Dat zelfs een soms ploeterende renner voor onze trofee in aanmerking komt, zegt juist alles over waar de SOW voor staat: wij gaan niets liever dan Sámen Op Weg!
STATISTIEKEN DAG 3: afstand 63,3 | moyenne 28,4 | maximum 66,5
Uw verslaggever ter plaatse: Hans van Eck

























































































