Tour de Twente
zaterdag 29 augustus 2026

Dwarrelend door mooi Twente

Het was de dag dat we een voor de SOW onbekende hoek van Nederland opzochten. Want daar rond Ootmarsum hadden we nog niet eerder in groepsverband gereden. Met de zogeheten Tour de Twente leerden we de omgeving kennen. Het bleek een zeer aangename kennismaking. Met een heerlijk SOW-peloton van maar liefst 10 renners groot!

We verzamelden ons op de Kuiperberg, het hoogste punt van Ootmarsum, hetgeen wat beloofde voor de afronding later deze zaterdag. Christian had zijn heenreis vanuit Holten per fiets afgelegd en begon zo met een bijna 40 km voorsprong op de teller. Ons stond een 130 km lange tocht te wachten waar we met veel zin aan begonnen. Het weer werkte mee, want de beloofde nattigheid zou de gehele dag uitblijven en zelfs ruimte laten voor meer af dan toe een zonnetje. De groene weiden, veelal strak tegen de horizon aan gelegen, maar soms ook glooiend als ware het buitenland, waren een lust voor het oog. We passeerden deze zaterdagmorgen rustige boerenerven waar de jaren hebben stilgestaan, maar waar deze stilte nooit mistroostig is. Twente leeft en wel op een kabbelende, aangename manier. In die rust reden we onze kilometers weg. Het was wel veel linksen en rechtsen, de kontjes moesten meermalen uit het zadel om ons na zo’n bocht weer op gang te trekken. Ook klimmetjes waren er te vinden, zoals de Paasberg (of was dat nu de Tankenberg), de Tankenberg (of was het nu de Paasberg) en de Muhlenberg bij Gildehaus. Kort en steil, net (voor sommigen van ons) voldoende om op de grote molen te doen of (voor sommigen van ons) buiten adem van te geraken. Hoe dan ook mooie tussen bomen verscholen klimmen waar we spreekwoordelijk gesproken onze harten konden ophalen, en/of op hol konden laten slaan.

Jurriën reed op een valsplatterige klim lek op een fraai klassiek spijkertje, maar het bezorgde hem geen frustraties want hij zou later deze dag zelfs beginnen aan een kroketje van spijkers. De kasseienklim naar het in Duitsland gelegen Bad Bendheim was prachtig, waar het onder meer aankwam om tijdig goed geschakeld te staan. In het stadje was een kwartiertje voor noon geen geopend eetablissement te vinden, zodat we de lunch 10 kilometer verderop moesten vinden. Daar bleek het de extra moeite helemaal waard te zijn, want het was heerlijk zitten op het terras in het Ros van Twente (met een logo dat was overgenomen van onze groepsapp). We konden onze eigen rosjes mooi tegen de heg kwijt en bestelden naar hartenlust carpaccio’s of kroketten van Cas Spijkers (zie SOWeetje).

Na deze even smakelijke als gezellige lunch, die exact halfkoers lag, begonnen we aan de laatste 65 km’s. De serieuze klimmetjes hadden we er toen zo’n beetje op zitten en werd het bovenal een groepsgevecht tegen de dwarrelende wind en de dwarrelende route. We kriskrasten per klokjesnavigatie door het Twentse land, met een in de war geraakte wind want waar komt oostenwind ten oosten van het oosten van het land nu eigenlijk vandaan? De wind leek uit alle hoeken te waaien.

Vanwege wat verkeersomleidingen kregen we te maken met gefrustereerde autochauffeurs die hun misnoegen over het moeten passeren van 10 fietsers kenbaar maakten door gewoonweg de groep in te sturen. Meermalen deden zich hachelijke situaties voor die ook heel fout hadden kunnen aflopen. Een rare dissonant op deze zo prachtige fietsdag in het zo rustieke Twente.

Vanaf Oud-Ootmarsum begeleidt Eelco de uitgefutte Hans via een kortere route naar de verzamelplek. De twee afstekers krijgen nog wat fraai tussen de weilanden gelegen gravelpaden te verwerken en Hans doet ter eigener opluchting onderweg nog een Dumoulinnetje.

De overige 8 slingert zich als groenblauwe SOW-brigade nog 30 km fraai door het Twentse land. Ze spotten onderweg nog een vrijgezel met een merkwaardig hoofddeksel. De slotklim naar de auto is wonderschoon hoewel de benen zich daar natuurlijk in meer of mindere mate al lieten voelen.

Al met al een prima keuze om dit deel van Nederland eens te bezoeken. Het was zeer aangenaam om er zoals altijd Samen op weg te zijn.

SOWeetje

-1-

De watertoren van Ootmarsum ligt op de Kuiperberg, daar waar wij vandaan vertrokken. Het is overigens niet echt een watertoren maar meer een waterreservoir, weet watertorenkenner JKH. Dat wordt bevestigd door MHo: “Omdat die zo hoog is gelegen, is er genoeg druk”. AvH weet zelfs te melden dat hij nog steeds in gebruik is! “Gebouwd in de jaren 30 in een sobere Amsterdamse stijl voor de som van fl 10.243,00”, zo put Adriaan uit parate kennis. “De toren is uitgevoerd door een plaatselijke aannemer”, voegt de kweker er fijntjes aan toe. MHo op zijn beurt weet dan weer dat de toren op zaterdag gesloten is, zo ervoeren wij na afloop op zoek naar een douche dan ook. “Naast de toren ligt een joodse begraafplaats”, verraadt JKH lokale kennis. “De joodse begraafplaats waar ongeveer 21 joodse personen zijn begraven”, bevestigt Aad kordaat. “Waar eerst een slager was begraven in 1746 en de tweede de plaatselijke dokter in 1787. De eiken mogen gekapt worden, maar de wortels moeten blijven zitten, zodat de graven niet gestoord worden”, waarmee Aad zijn kwekerskennis lijkt te etaleren. Maar dat blijkt teveel eer, hij geeft toe de informatie ter plaatse op de borden te hebben gelezen. En zo JKH blijft de enige watertorenkenner.

 

-2-

Cas Spijkers (1946–2011) was een van de bekendste en meest invloedrijke Nederlandse chef-koks en tv-persoonlijkheden. Hij zette de Nederlandse gastronomie internationaal op de kaart en kookte in de jaren tachtig twee Michelinsterren bij elkaar in het befaamde restaurant De Swaen in Oisterwijk.

Bij het grote publiek werd hij razend populair als de charmante, Bourgondische presentator van het RTL-televisieprogramma Koken met Sterren. Daarnaast schreef hij diverse kookboeken. Zijn culinaire erfenis leeft onder andere voort in de Cas Spijkers Academie, een prestigieuze topopleiding voor jonge kooktalenten.

 

 

Uw verslaggever ter plaatse: Hans van Eck